Direct naar inhoud

Jeugdbeschermingspilot Amsterdam: Een ware revolutie in de jeugdzorg

Pas als er grip is op diepgewortelde problemen in gezinnen, ben je als jeugdbeschermer in staat om echt te helpen. De praktijk ziet er anders uit. Gezinnen worden voortdurend overgedragen aan ketenpartners. Tijd voor grondige analyses is er niet. Om het tij te keren is een ware revolutie in de jeugdbeschermingsketen nodig. In Blijvend Veilig in Amsterdam stippelen professionals alvast de contouren uit.

‘We zijn al een paar decennia bezig om de hulp voor gezinnen goed in te richten. Er zijn allerlei stelselwijzigingen geweest. En keer op keer zien we dat die niet tot de beoogde resultaten leiden. Integendeel. De cijfers verbeteren absoluut niet. Er worden niet minder kinderen mishandeld. Er is niet minder huiselijk geweld. Dus we doen iets heel erg niet goed. We moesten wel concluderen dat je naar de complexiteit van de problemen in de jeugdzorg moet kijken, hoe ingewikkeld die ook is.’ - Janneke van Eijk, projectleider van Blijvend Veilig.

Alternatief ontwikkelen

Die nood werd breed gevoeld. In juni 2019 startten zes organisaties met het initiatief Blijvend Veilig:

  • Samen Doen, een wijkteam gericht op gezinnen met multiproblematiek
  • De Blijf Groep
  • De Jeugdbescherming (Regio Amsterdam)
  • Veilig Thuis
  • De Raad voor de Kinderbescherming
  • De William Schrikker Stichting.

Elke organisatie leverde in eerste instantie een professional aan. Later werden dat er meer. Samen gingen zij de uitdaging aan: kijken hoe de jeugdbeschermingsketen echt verbeterd kon worden. Van Eijk: ‘Met Blijvend Veilig willen we een alternatief ontwikkelen om snel en zo duurzaam mogelijk veiligheid te realiseren voor alle gezinsleden. Dat er weer perspectief is.’

Dossiers doorspitten

Hoe te starten? Zes dossiers uit de verschillende organisaties zijn op tafel gelegd. Vier weken lang werd elk dossier, pagina na pagina, doorgespit. Simone Korsman, gezinsmaatschappelijk werker bij Blijvend Veilig:

‘We hebben heel kritisch elk dossier bekeken, wat valt op, waar zaten de overdrachtsmomenten, hoe zagen die eruit? We keken verder dan het moment dat een dossier werd overgedragen naar een andere organisatie. Uit dit dossieronderzoek zijn punten naar voren gekomen die wij zorgelijk vinden in het hele stelsel.’

Onmachtig

David Lamas, teamleider van Blijvend Veilig, vertelt dat het team ontdekte hoe de jeugdzorg voortdurend acteert op actuele problemen. Er wordt in verschillende taal gepraat over veiligheid. Trauma en licht verstandelijke beperking worden te laat ontdekt.

‘De echte oorzaak van problematiek nemen we over het algemeen niet weg. We zien bijvoorbeeld dat geweld in een gezin steeds blijft terugkomen. Maar het lukt ons niet op een niveau daaronder te kijken: waar komt dat gedrag eigenlijk vandaan? En dan niet alleen van bijvoorbeeld die vader die z’n kind mishandelt, maar van al die mensen binnen dat systeem. De partner, de kinderen, de ouders. Daarvoor is hoogwaardig gekwalificeerd onderzoek nodig.’

Hij concludeert dat de jeugdhulp op dit punt onmachtig lijkt. ‘De analyses die we nu maken, zijn gewoon te oppervlakkig.’

Ook de voortdurende overdracht van dossiers aan ketenpartners doet de gezinnen geen goed. ‘Mensen moeten iedere keer weer opnieuw hun verhaal doen’, verduidelijkt Korsman. Om te weten hoe de jeugdhulp vooruit kon worden geholpen, werden alle standaards, werkwijzen, protocollen en procedures losgelaten en organisatorische condities onder de loep genomen. Van visie en bevoegdheden tot wetgeving en de rol van bestuurders.

‘Er zijn veel mensen nodig om een gezin veilig te krijgen. Hun problematiek is complex, dus de aanpak is ook complex. Onderliggende patronen wil je doorbreken en dat betekent dat dit consequenties heeft op tal van terreinen. Bijvoorbeeld wetgeving. Of financieringsstromen. Je wilt beschikken over hulp waar een ánder over gaat. Eigenlijk hebben we een systeem opgebouwd waardoor het onmogelijk is geworden dergelijke problemen echt op te lossen.’ - Sigrid van de Poel, bestuurder bij Jeugdbescherming:

Met Blijvend Veilig zetten betrokkenen zich hiervoor in. De professional positioneert zich vanaf het begin anders, legt Korsman uit.

‘Omdat je vertelt dat Blijvend Veilig alle expertise in huis heeft: kennis, ervaring en expertise van professionals uit verschillende organisaties is immers gebundeld in één team. Er is geen versnippering meer. Je hoeft niet te zeggen: ‘Als dit niet lukt, dan ga je over naar een gecertificeerde instelling. Als professional blíjf je bij het gezin. Deze relatie kun je ook inzetten om de problemen met hen te blijven bespreken. Dat je de mogelijkheid hebt om te zeggen: ‘Dit is wat jullie doen, dit is jullie patroon’, omdat je voor lange tijd met hen bent opgetrokken.’

Van de Poel vult aan: ‘Het steeds ‘over de schutting’ gooien als je als professional merkt dat je tegen je grenzen aanloopt: daar moeten we vanaf.’

De tijd nemen

Inmiddels begeleiden de medewerkers van Blijvend Veilig dertig gezinnen. ‘We hebben echt tijd om de ontwikkeling van het gezin centraal te stellen én tijd om met elkaar na te denken wat daadwerkelijk nodig is.’ Het doel is om instroom van gezinnen uit te breiden via gecertificeerde instellingen, maar ook door de wijken te bezoeken. Lamas: ‘We willen de problematiek niet alleen via een loket ophalen. We willen kijken hoe we zo goed mogelijk de verbinding kunnen leggen. Vanuit onze inzichten, maar ook vanuit de bestaande structuren die er al zijn.’

Tegen zaken aan durven schoppen

Er zijn plannen om uit te breiden en in twee gebiedsgerichte teams te gaan werken in Amsterdam Noord en Nieuw-West. Om deze revolutie in de jeugdhulp een kans van slagen te geven, is stevige steun nodig vanuit de aangesloten organisaties. Zodat professionals aan de slag kunnen die een beetje tegen de eigen organisatie aan durven schoppen.

Van Eijk: ‘Als jeugdprofessional ga je bij Blijvend Veilig dingen ter discussie stellen die door jouw organisatie heel belangrijk worden gevonden. Je moet los durven te komen van de patronen waarin je bent opgegroeid in je organisatie. Daarom heb je ook de support nodig van je bestuurder, zodat je kunt zeggen: ‘Ja, dit is wat mijn organisatie wil dat ik doe, zodat we betere zorg kunnen leveren.’

Benieuwd hoe in Nederland gewerkt wordt aan verbetering van de jeugdbeschermingsketen? Bekijk dan ook het verslag van de pilots in Utrecht, West-Brabant West, Rotterdam-Rijnmond, Foodvalley en Zeeland.